Momenten van licht (2)

We zagen een paard marcheren. Het was een zondagmiddag. We besloten het zo te laten.
Mocht de dag van vuur komen, konden we altijd terug, dat hoefden we elkaar niet te vertellen.
Wel zeiden we dat het beter was zo. Dat daar geen haan naar zou kraaien, geen boer vroeger
voor op zou staan. We besloten verder te wandelen. Het veld trok aan onze schoenen
maar waarom zouden we daar bij stilstaan. Waarom zouden we in hemelsnaam het krachtveld
tussen schoen en gras overanalyseren. We besloten het zo te laten.

mieren, vliegen, gezoem, overal, je tong, mijn hand
zoekend naar meterhoge houvast, stilstaan en ergens donderend voortmarcheren
een zweep die ons slaat, niet klein krijgt
altijd weer je ogen, alsof het kannetjes water zijn zoekend naar de moederzee
(op de grond, onder het water, ligt nog iets dat we kunnen gebruiken)

Dan krabben we het paard uit onze ogen,
van het verhaal met het zadel vertellen we niets

 

© Stijn Viaene

gepubliceerd op het gezeefde gedicht (zeef Mei 2017)

Momenten van licht (1)

Toen we het licht in de kamer doofden, begonnen we te zien
waarin we van elkaar verschilden en waarin niet

dan krabden we aan elkaar en schraapten alsof we bevroren
ruiten van auto`s waren, wie zou het tegendeel bewijzen

als de één een man is en de andere niet dan verhoogt de kans
dat alles fout gaat evenredig, ik denk niet dat ik het van vroeger ken

dat rood en groen dan wel elkaars tegenpolen zijn
maar dat ze misschien wel daarom zo goed bij elkaar passen

dat je dan vertelt over jouw vroeger, en dat het voelt alsof het gebrek aan licht
ons smelt, tot we ergens de eerste contouren van een weg vinden

en die weg dan leidt naar een moedervorm, waar het altijd donkerde
en de natuur nooit een gepaste kier leek te vinden

 

© Stijn Viaene

gepubliceerd op het gezeefde gedicht (zeef Mei 2017)

Plakband

 

duct tape

Plakband

Deze nacht heeft iets van dode vissen en een glas warme jus d’orange, zo onhandig ook
zingt de ambulance, zoals vroeger de ijskar, een dag verwelkt en de morgen smelt nu al,
en je schoenen plakken bij iedere stap, terwijl de kinderen juichen omwille van het suikersap,
en dan is daar de man die erop wijst dat we allemaal kinderen zijn geweest,
en je denkt aan je moeder en aan die bokalen vol vis in geelachtig water

Geen paniek! Buiten schreeuwt het
onder het hoofdkussen is het licht al lang gedoofd.
zelfs de kleinste zucht wordt in deze uren zonder moeite gesmoord,
dus zeuren  maar, over vissen, dat ze ook‘s nachts ademen
en dan weer neuken,
en dat niemand dat hoort,
dat niemand dat ziet,
dat niemand daar bij stilstaat.
en je lijf rilt alsof je het neerlaat in ijskoud water
terwijl je je afvraagt of het warm is daar,
of de lucht er zich laat vangen in een bokaal
© Stijn Viaene

gepubliceerd op het gezeefde gedicht (zeef April 2017)

Alles heeft een bodem (part 1)

 

beach

Alles heeft een bodem (part 1)

Met beide handen rond een fles
houd ik me vast
en wacht tot ik weer eens aanspoel

een vliegtuig waait over
alsof het geen moeite kost

wat ik wel begrijp
dat het vanop het strand gemakkelijk lachen is

een emmertje, een schepje
en de fantasie van een kind
meer is er niet nodig
om heel de zee te vangen

© Stijn Viaene
short list gedichtenwedstrijd (top 3)
en tip van de redactie op http://www.literairwerk.nl/

gepubliceerd op het gezeefde gedicht (zeef Maart 2017)

 

 

Poetsvrouw

 

cleaning

het verschil tussen vieren en rouwen
is door de poetsvrouw niet te ontwaren
aan de hoeveelheid lege flessen
of aan de manier van wankelen
maar ligt in de leegte
die ze achterlaten
en de zakken vol statiegeld
alleen voor mij bestemd

misschien moeten we tussen al dat poetsen eens praten

© Stijn Viaene
gepubliceerd in Het Gezeefde Gedicht  (zeef januari 2017)

Brandpunt (puntdicht bij foto Enod Duatiga Wiguna)

enod-buffon-hd

Aan de regen hoort ze het tikken van de tijd
onder haar voeten schuift het water huiswaarts

 

gepubliceerd als winnend gedicht voor Brandpunt op een twee powezie.

tekst © Stijn Viaene
foto ©  Enod Duatiga Wiguna

Geef mij één nacht

 

nighty

Geef mij één nacht
één nacht, waarin het licht van onze ogen lichamen vol doet lopen
waarin gordijnen wegkijken
en muren gaan blozen

Geef mij één nacht
één nacht waarin we snuffelend door de stilte heen
het leven aanhoren,
en op de getijden van ons bestaan
pompend en pompeus ten onder gaan

Geef mij één nacht
één nacht waar we op de branding van ons verlangen
onze vleugels intrekken,
tot  alles mogelijk is,
meer dan ooit
geef me één nacht

(ik wacht)

© Stijn Viaene

Voor Johanna

 

dad2

Voor Johanna

Even maar moet je door de kamer lopen
en alle muren maken plaats
schaduwen sterven als tijd,
zonnestralen dansen wijd
en mijn verdriet is als de wind, hopla
zijn bestaansreden kwijt

Al dansend mors je confetti
zo komt mijn lente tot kieuw
twaalf maanden aan een stuk
en dan nog eens, opnieuw

Daarnet nog toen ik thuiskwam
en je vlinderend in mijn armen vloog
en ik weer eens niet wist, wie tilt nu wie hoog?
tastte je in je zakken
en wierp haast terstond
zomaar een nieuw feest in het rond

Je kraaide: Papa!
Het klonk als vuurwerk

 

© Stijn Viaene

Bezeten stad

 

soldier

Bezeten stad

langs de straten wandelen soldaten
ze patrouilleren voor vrede
proberen het gevaarte, te verdoezelen
doen dit gecamoufleerd
met helmen op hun hoofden

alleen zo
gaat het lijken
alsof ze begrijpen
hoe schijnheilig wij zijn

een meisje wil hen iets vragen
maar ze weten van geen wijken
in mijn hoofd rijzen allerlei vragen
onder andere waarvoor
zo`n helm dan echt wel dient

© Stijn Viaene

Schuld Van Seizoenen

Schuld van seizoenen

De herfst verwelkte je tralies
lang nog voor de winter
zijn kwaadheid blies
lagen je sloten
met monden wijd open
op los zand
voor weer een afgekalvde deur
Erachter hield de lente schoonmaak
ook voor jou
was er een nieuwe kans

Beter dan gelijk wie
kon je doen
alsof er niets aan de hand was

© Stijn Viaene
Winnend gedicht Open Monumentendag 2016, Kaprijke
Gematerialiseerd voor de oude gevangenis van Lembeke

jail

Vandaag

VANDAAG 2

Vandaag

Het land lag op je lippen
vandaag
Bijna kon je het proeven
Bijna

waren de golven te verslaan vandaag
Sloeg je terug
met armen sterker dan water

Maar je was te traag vandaag
Traag van de zwaarte
van het dragen
van je dromen

Dromen zo zwaar
en diep
dat zelfs de zee ze niet
kon dragen

 

© Stijn Viaene